Silbertal

Voor het ontbijt douchen betekent de wekker zetten. In het hotel zijn zes gasten, dus echt druk is het niet. Komende week zitten ze vol. Zullen maar zeggen een tussenweek. Het ontbijt is prima, voldoende om een deel van de dag door te komen. Dit is niet het lopen van Wilma. Met haar geblesseerde achillespees gaat het moeilijk om een stuk te klimmen. We proberen een stuk af te dalen en te klimmen. Dit valt tegen. De pijn is toch zo groot dat de bergen om ons heen goed zijn voor de vele passanten, maar niet voor ons. Dan maar een cache hier vlakbij. Nu is vlakbij met al die bergen een utopie. Om een cache te gaan doen op 2,3 km moeten we helemaal naar beneden. Dus van 1365 meter afdalen naar 700 (uitzoeken) om weer op 1150 uit te komen. Een waterbekken, een aquapijp, en een herbouwd dorpje zijn de cache locaties. De aquapijp zorgt ervoor dat met groot geweld een generator wordt aangedreven. Langs deze pijp is een trap waarop wat mensen omhoog komen. Later op de dag staan we ook onder aan de pijp. Het is nu augustus, wat zou er aan water naar beneden komen na het winterseizoen.Bij de Spar in Schruns slaan we wat boodschappen in duiken een berg op om te lunchen, even later besluiten we langs de onderliggende rivier van het kabbelende water en de rust te genieten. Twee uur later en veel stress van de herrie, de bermen worden gemaaid besluiten we weer terug naar Grabs te gaan. Boven aangekomen besluiten we in de strandstoelen te gaan liggen. Van die houten stoelen met een doek ertussen, hier is destijds even stil blijven staan.  Lekker genieten van de zon en een boek. Met het avondeten hebben krijgen we Spätzel: meel, ei, boter en water door een grove zeef gedrukt. Lijkt op macaroni, maar een beetje smaakloos. De rest was goed, we komen niets te kort. In de avond gooit Wilma een kop koffie om, ook nu ga het onweren.