30 augustus 2011

Gisteren naar Salo’ geweest. Gezellig midden op de dag, geen kip op straat en de eettentjes gevuld met Duitsers. Zijn we ook maar even tussen gaan zitten. Het dorp heeft wel iets van Coulliore weg. Een stoomoceaner legt aan, aan de kade, wandelaars stappen van en op de boot. Om vervolgens de rondreis op het Gardameer te volmaken. Het ziet er vanaf deze plek heel idillisch uit, maar daar hebben ze ook van alles aan gedaan. De wandeling over de kade is prettig. Echter midden op de dag merk je gewoon dat de zomer voorbij is. Iedereen sluit zijn deur tussen de middag. De herfstkleren hangen al in de winkel. Overigens de route naar Salo’ is wel bijzonder, de wegen zijn veelal door tunnels waarmee je niet met een grote vrachtwagen doorheen moet, want dan schuur je de zijkant open. Mooi maar ook beangstigend. 
Wat een ramp is dat, ik lijk wel een oude man. Na een heerlijke salade te hebben gegeten onder hotel Casino in Gardone, daar het strand opgezocht. Kiezelstrand wel te verstaan. Met mijn tere voetjes over kiezels lopen is zoiets als met naalden in mijn voet prikken. Onder begeleiding van Wilma wordt deze oude man naar het meer gebracht. Een heerlijke verkoeling tegen de 28 graden buiten temperatuur. Wilma duikt er zelfs nog een keer in. Ik wil het haar niet aandoen, of ben ik gewoon een watje? 
Op de terugweg een supermarkt gevonden naar onze gading. Alleen op de groente afdeling hebben we ons karretje al half gevuld. Zo eten we in de avond lekkere pasta.
De volgende dag zijn we opgestaan met een smetje aan de hemel. Bewolkt, van de week wel wat gezien in de verte, maar dat komt normaal niet het Malcesine gebergte over, een piek van 1850 meter hoog waar we vanuit ons chalet op kijken. Dus wat bij het huisje gehangen, toen we voor het eerst weer na een week telefoonstilte, van Milène horen, wisten we wat ons te doen staat. Geld overmaken, maar dat lukt alleen met een internet verbinding. Dat was een reden om even naar boven te klimmen. Immers ons chalet ligt nog altijd een 100 meter lager dan de receptie van het park. Met de fiets naar boven om een microsim te vinden voor de Ipado. Tevens daar perzik en voor het eten van vanavond gehaald en heerlijke ham die me stond aan te staren. Dat zijn meestal vier plakken in één ons, doe er maar twee (ons). Maar geen sim voor de Ipado, probeer het in een dorp verderop zei de verkoper, Gargnano (uitspraak uitzoeken)
Natuurlijk kan je ook naar het internetcafé, maar het is leuker om dit via de Ipado te doen. In Gargnano aangekomen worden we op de bekende Italiaanse vriendelijke manier behandeld. Waarom zal je anders dan je moerstaal spreken, maar hij zei dat we inwoners moeten zijn van Italië, misschien komt dat nog, maar vandaag even niet. Probeer het maar in Salo’, zei de man. Dus nog eens dertig minuten verder rijden. In Toscolano, halverwege tussen Tignale en Salo’ zijn we alsnog geslaagd, moest wel over een bergen computers en printers heen klimmen om bij de verkoper te komen.
Op de terugweg, zijn we maar even Tignale ingedoken, om even te kijken. Leuk dorp zo op 600 meter boven het meer, voor niets hebben we de perzik op gehaald want we hebben daar ook gegegeten. met vooraf een Apparisprit, een combinaties van Prosecco en sinaasappel likeur. (naam even opzoeken)
…. en nu op de Ipado dit even wereld kundig maken. 
Morgen mountainbiken, nu wil Wilma op de Ipado, patience, verslaaft tot je er bij neervalt, want ja als je al met Rummikub zeven keer hebt verloren. 
Nog uit zoeken Coulliore, Apparisprit