Dit is nou Big Data

Dit is nou Big Data

Bericht op Facebook: ” Hoe krijgen ze het voor elkaar, deze combinatie van geweldige muziek (vertelt veel over mijn muzikale vorming) ik ben echt ontroerd.” De eerste tien jaar van mijn muzikale leven zijn vastgelegd. En ja niet alle keuzes die zijn gemaakt ben ik het mee eens, Ik ben geen fan van Bohemian Rhapsodie, want die staat ook in de lijst. Voor mij is dan ook de leukste Radio2 top2000, de 2000 die het net niet hebben gehaald. Stuk voor stuk goeode nummers die evenveel respect verdienen omdat ze ieder jaar buiten de boot vallen. Ik begrijp niet dat De Avonden van Boudewijn de Groot in de top 10 staat, en onze grootste muziekexport producten, DJ’s als Armin, Tiësto, Hardwell en Garrix, er niet in staan.

Terug naar #spotify: ten eerste hoe bedenk je het en ten tweede hoe kom je aan deze informatie. Ik denk dat ik uniek ben en mijn eigen muziekwereld om me heen heb gevormd. Echter er is vast wel een soortgelijke Alfons op de aarde die ook deze keuze heeft gemaakt. En weer een andere die ook in de buurt zit maar niet helemaal hetzelfde, vandaar dat er ook Queen in mijn lijstje staat. Ik ben dus niet uniek, en dat is wat big data ook in zich heeft. Net zolang rekenen tot het grote gemiddelde naar voren komt. Een soort dictatuur van de meerderheid. hierdoor is mijn muziek DNA vastgelegd en niet meer te manipuleren. Daarom verzoek ik jullie om zoveel mogelijk lijsten naar me op te sturen, dan moet ik ze wel afspelen, en zelfs dan door de pijn van de Spice girls of Niel Diamond heen. Waarom? Om niet als eenheidsworst te eindigen en de big data van Spotify op het verkeerde been te zetten. Dat lukt mij niet alleen, dus luister ook mijn lijst. https://open.spotify.com/user/spotify/playlist/37i9dQZF1E4W0d4V1j5ltv?si=FjS4YPaY

Mannen zijn allemaal hetzelfde

De situatie: onze overbuurmannen op de camping zijn de soort Statler and Waldorf. Ze hebben beiden een caravan, een vrouw en twee of drie kleine kinderen in de leeftijd van anderhalf tot zeven. Ze lullen de hele dag maar door over van alles en nogwat. Het is natuurlijk lastig met kleine kinderen om diepgaande gesprekken te houden, alhoewel na tienen gaat het wel los. Maar overdag is het lang leve het gemak, zoveel mogelijk zorgen dat de inspanning tot een minimum beperkt blijft. Met de luier verschonen als de vrouw weg is, blijven ze net zo lang wachten tot de dames weer terug zijn.

En hebben ze het vermoeden dat de dames in aantocht zijn dan worden ze actief. Net alsof ze de hele dag druk zijn. Uitgeteld ligt Statler weer in een stoel terwijl moet worden nagedacht over het eten. Tegen tienen liggen de vrouwen echt uitgeteld in bed. De mannen sluiten om een uur of één af, met het laatste koude biertje. Mannen zijn allemaal het zelfde, op vakantie.

Shoarma en voetbal

In één adem heb ik hem uitgelezen. De Wereld volgens Gijp door Michel van Egmond. En ja dan ben je nu al klaar met het lezen van deze blog want dat gaat vast over voetballen, maar ook ik ben absoluut geen fan van voetballen, erger nog, ik begrijp er helemaal niets van. Hoe kan je negentig minuten naar 23 mannen (vrouwen) op een grasveld kijken en dan is de eindstand 0-0. Ik denk dat voetballen pas interessant wordt als er twee of misschien wel drie ballen in het veld komen. Dan heb je tenminste een scoreverloop en zal 17-11 een normale score zijn, dan is het pas leuk.
Gijp is een bijzonder mens, hart op de tong, open en transparant. Het boek zuigt je naar binnen, in zijn denk en doe wereld, alhoewel het laatste is wat minder bij hem. Het boek begint al met de opmerking dat hij in een lachstuip schiet op het moment dat hij hoort hoe goed zijn vorige boek verkoopt. Zelfs mensen die normaal gesproken het lezen van de menukaart in de Shoarmatent al een opgave vinden, lezen dit boek. Wat maakt het lezen zo bijzonder: als buitenstaander lijkt het alsof je zelf aan die tafel zit, of naast hem op de bank. En het relativeringsvermogen is bijzonder en zo menselijk. Een klein stukje dan: ‘Ben je gelukkig, ondanks alles wat er is gebeurd?’ vraagt Cath Luyten. René antwoord met: ‘Ja. Omdat dit ook bij het leven hoort. En omdat het heel gek zou zijn om te denken dat dit soort dingen mijn huisje voorbij zou gaan. Toch?’

Waar ik werk zie je dit ook, we sukkelen maar door. Iedere wijziging wordt gezien als een belemmering, dus wordt zo veel mogelijk geweerd. Ik startte mijn opdracht met de opmerking tegen mijn collega’s dat de rol die je nu hebt over een paar jaar niet meer bestaat. Een mens is tot meer in staat dan je denkt, vaak wordt dat ingegeven door een dramatische wending in je leven, maar je zou ook vandaag, nu, kunnen beginnen door weg te blijven van de angst en positief de wereld in te kijken.

Gevulde vrouwen en zaklampen

Vol verbijstering blijf ik achter na het lezen van het boek “Je hebt wel iets te verbergen” van Dimitri Tokmetzis en Maurits Martijn. Een boek waar de zoektocht is beschreven hoe jij als product wordt verhandeld op het internet. Natuurlijk weet je van Facebook of van Google dat de informatie die je zoekt wordt gebruikt om producten aan je te verkopen.

In een poging om dataverkeer in beeld te krijgen kopen de mannen wat bij de Bijenkorf. Je denkt een gerenommeerde winkel die zich bewust of niet bewust inlaat met reclame. Veelal als je iets koopt via het internet is de kans groot dat je later links of rechts in je beeld het product weer terug ziet. Dit gaat nog verder, want op het moment dat zij een aankoop deden bij de Bijenkorf werd deze informatie doorgestuurd naar maar liefst twintig reclame bedrijven. Op de achtergrond wordt een strijd gevoerd om de klant. Wie biedt het meest om de volgende advertentie neer te zetten op de pagina van de klant. Binnen een fractie van een seconde zorgt dit proces ervoor dat de hoogste bieder de volgende reclame mag verzorgen. Achter zo’n reclame bureau gaat een schimmige wereld schuil. N.A.W. data is zo’n bedrijf. Een bedrijf uit Barneveld die onze data weer verkoopt aan charitatieve instellingen, zodat als je zwanger bent de blijde doos komt. Jouw data wordt verhandeld, dat is een feit.

Mijn profiel probeer ik voorzichtig te manipuleren en eigenlijk zal iedereen dat moeten doen. Ik zal anders met mijn telefoon moeten omgaan en op het internet zal ik bijvoorbeeld moeten zoeken naar nieuws over Egypte om de meldingen uit beeld te houden dat ik daar ook op vakantie ga. Je kan alles proberen te omzeilen, of in ieder geval proberen te foppen. Voorheen stonden, bij mij, rechts of links in beeld goed gevulde vrouwen van boven de vijftig omdat mijn profiel daarin paste (rare zin). Inmiddels zijn het zaklampen geworden die in mijn beeld staan.

Beter, ach ik weet het niet, ik heb niets met zaklampen

Stop met Beoordelingen

Afgelopen weekend las ik een stuk van Roland de Bruijn (link) waarin hij net zoals ik tegen een berg op zie die Beoordelingsronde heet. Afgelopen dagen ben ik het prachtige Talent2grow vragen aan het beantwoorden waarin ik wel een paar keer zwaar over heb nagedacht. Wat bedoel ik er nou mee en hoe moet ik dit op papier uitleggen. Ik ben net zoals Roland het eens met zijn stelling dat wij onze medewerkers niet motiveren met deze gesprekken:

homoeconomicusDe eerste manager al weer horen zuchten ‘de beoordelingsgesprekken komen er weer aan’. Onder de frustratie ligt een behoefte aan verbinding en resultaat. Als er iets is wat het traditionele top-down beoordelingsgesprek niet oplevert is het verbinding en resultaat. De meeste beoordelingsmethoden die nu nog gebruikt worden zijn gebaseerd op het organiseren van mensen in modellen van de productieorganisatie en niet op bijvoorbeeld de dienstenorganisatie. Deze klassieke manier van denken maakt de mens ondergeschikt aan het systeem (de homo-economicus) vandaar het top-down gesprek, dat vaak als zeer onbevredigend ervaren wordt. Onze reactie op de zucht was: ‘als het je tijd en energie kost en het levert niets positiefs op, stop er dan gewoon mee’. Dit ongevraagde advies riep de nodige weerstand op en was natuurlijk lekker makkelijk praten en geen oplossing. Echter na een paar keer Waarom? of Waarom niet? ontstond er ruimte in het hoofd van deze leidinggevende en concludeerde hij: ‘als het paard dood is, kun je beter afstappen’. Toon lef en stop met al het gedoe rondom functioneren en beoordelen vanuit het top-down model. Je bent in goed gezelschap van bedrijven als Microsoft, Medtronic, Deloitte en Soundcloud. Ga het gesprek aan om de frustratie van jou en je medewerkers bespreekbaar te maken.

Het zit hem in die laatste zin. Maak frustratie bespreekbaar en je hebt een medewerker die beter om kan gaan met de situatie om hem/haar uiteindelijk een goed gevoel aan over te houden. Goed gevoel is dan met plezier je werk doen, wat uiteindelijk leidt naar gemotiveerde werknemers, loyaal aan de baas en resultaat wat alleen maar beter wordt. Een van de aspecten die Roland benoemt is de koppeling met het beloningscomponent. Zolang deze link er ligt tussen beoordelen en betalen zal een medewerker nooit open in gesprek gaan over zijn beperkingen of functioneren. Dus ga Wandelen, Breng de talenten van de medewerkers in kaart en zadel hen niet op met een jaardoel wetende dat hun bereik niet verder ligt dan twee à drie weken.

Nu nog dit voorstellen bij mijn leidinggevende …..

Het Biegstraatenboek

Op verzoek van Frans Biegstraaten een bericht over  De geschiedenis van de familie (Van der) Biestraten, De la Bistrate, De Labistrate en Biegstra(a)ten. Eind 2016 of begin 2017 verschijnt een boek met een uitvoerige genealogie Van der Biestraten. Het boek is geschreven door Ger Matthee (die een Biestrate oma had) en drs. Ton Reniers. Zij hebben jarenlang onderzoek gedaan naar de familie, zowel in binnen- als buitenland. Twee jaar geleden benaderden zij mij om te vragen naar informatie over onze tak van de familie. Ik heb een bijdrage aan het boek geleverd door de mij bekende gegevens over de genealogie van onze Leidse tak te leveren (uitsluitend met niet meer levende personen). Ook heb ik een bijdrage geleverd door de vele familiewapens heraldisch te beschrijven.
Het boek bevat bijna 500 pagina’s met veel, zeer interessante historische informatie over onze Biegstraaten-voorouders en hun familie. Een korte samenvatting van de familiegeschiedenis die in het boek wordt beschreven volgt hieronder. De familienaam verwijst naar een nog altijd bestaande straat in Gilze, een dorp dichtbij Breda. Het oudste spoor is bijzonder: een authentieke akte uit 1297, waarin de abdis van het hoogadellijk stift Thorn en Arnoud van Biestraten als partijen optreden. Vanaf het einde van de veertiende eeuw is het mogelijk om het wel en wee van de familie van generatie tot generatie te volgen. Rond het midden van de vijftiende eeuw wonen er leden van de familie in Gilze, Dorst, Breda en Prinsenhage, maar ook in Gent (België) en Den Bosch. Het boerenbedrijf blijft de voornaamste bron van inkomsten. Een Dorstse tak ontwikkelt zich via Teteringen, Wagenberg en Zevenbergschen Hoek tot vooraanstaande kleiboeren. Helaas sterft deze tak in het derde kwart van de twintigste eeuw uit. De ook uit Dorst stammende tak Princenhage brengt schepenen, juristen, priesters en een notaris voort, terwijl de stam uit Gilze een aantal schepenen, gemeente-secretarissen en een schout kent. Ook deze takken sterven uit.

In 1502 vestigt een ongeveer veertienjarige jongeman Van der Biestraten zich met een oom en neef als handelaren in Lyon, waar hij zijn naam verfranst tot De La Bistrate. Later verhuizen ze naar Parijs, waar ze zich al snel manifesteren als ‘grootkoopman’. Als keiharde zakenmannen en handige politiek-economische strategen (een van hen gelukt het een handelscontract met de Russische tsaar af te sluiten) weten ze zich in te dringen in de op een na hoogste kringen van Parijs. Ze verdienen een fortuin en verwerven een adellijke titel. Deze tak sterft in mannelijke lijn rond 1650 uit. De broers en zusters van de genoemde jongeman verhuizen naar Brussel. Door huwelijk behoren zij al spoedig tot de ‘zeven patricische families van Brussel’, wat hun toegang geeft tot de hoogste kringen en tot lucratieve ambten. Een van de nakomelingen vestigt zich in de Franse stad Valenciennes, bekend om zijn textielhandel. Ook hij verfranst zijn naam tot De La Bistrate. Hij trouwt in tweede huwelijk met een rijke vrouw, een zuster van de bekende humanist Johannes Vivianus (ca. 1520 – 1598). Bij zijn jonge vrouw verwekt hij minstens 12 kinderen, waarvan een aantal vanwege de handel domicilie kiezen in Antwerpen, Middelburg en Amsterdam. Nazaten van de Antwerpse tak gelukt het om in 1682 in de adelstand te worden verheven. Met de wisselhandel (Antwerpen, Amsterdam) en handel in goederen en slaven op West-Indië (Middelburg) en graanhandel met de Baltische landen en Hamburg (Amsterdam) worden kapitalen verdiend. Hierdoor weten ze ook status gevende ambten te verwerven. Onderling onderhouden zij intensieve persoonlijke en zakelijke contacten. Alle takken sterven echter in de loop der zeventiende (Amsterdam), achttiende (Middelburg) of negentiende eeuw (Antwerpen) uit.

De in Brussel achtergebleven broers en zusters blijven dankzij gunstige huwelijken tot de gegoede kringen behoren. Een van hen wordt deken van een aldaar bekende rederijkerskamer. In de tweede helft van de zeventiende eeuw treedt maatschappelijk verval op, en kunnen enkele gezinnen met moeite de touwtjes aan elkaar knopen. Een van hen gaat rond 1700 zijn geluk beproeven in de textielindustrie in Leiden. Hij moet genoegen nemen met een baantje als schrobbelaar. Zijn nakomelingen werken ook in deze sector of zijn werkzaam als kleine zelfstandigen. Heten zij aanvankelijk nog Biestraten, op den duur gaan zij zich Biegstraaten noemen. Zij vormen de enige tak die tot op de dag van vandaag nog voortleeft. Onze gezamenlijke voorouder, de schrobbelaar, die vanuit Brussel naar Leiden vertrok is Franciscus Biestraten (1686-circa1750) die in leiden in 1711 huwde met Helena de Bruijn (1686-1756).

Het boek, circa 500 pagina’s, met veel illustraties, ingebonden en voorzien van een harde kaft, kost € 45,- (excl. verzendkosten). Als je belangstelling hebt voor dit boek dan moet je dat snel melden. De druk wordt binnenkort gestart en de oplage is afhankelijk van het aantal voorinschrijvingen. Wil je het boek bestellen stuur dan een mail naar frans.biegstraaten@hotmail.nl.

De landloper en de manager

Afgelopen week heb ik het hilarische boek Waarom veranderen (meestal) mislukt van Martin Appelo gelezen. Een gedragspsycholoog die op een trefzekere manier even je wereld neerzet. De puber hangende op de bank wordt het amoebe gedrag verweten maar ook je collega die zegt dat hij het altijd maar druk heeft.

Stuk uit zijn boek, beetje verbouwd:

Werkstress, prioriteiten en assertiviteit.

Hoe is het? Nou ja, druk, heel erg druk. Dit krijg je meestal te horen wanneer een kennis vraagt hoe het gaat. Waar ben je dan zo druk mee:? Er is veel te doen, er zijn deadlines te halen, vergaderingen, honderd duizend mailtjes, de reorganisatie geeft ons veel extra werk. Er is een congres in het buitenland. Leuk, maar daar ben je zomaar een aantal dagen mee kwijt. De marges zijn krap, daar zit niet vel rek in, Het gaat juist om dat extra kleine beetje meer. En daarmee ben je druk, druk, druk. Stel je voor dat je morgen een hartaanval krijgt. Of dat je door die geluidsarme betonmortelwagen wordt geplet. Wie gaat jou dan missen? Als de overlijdensadvertenties bij het oud papier liggen, hoe lang duurt het voordat ze je vergeten zijn? Wie praat er volgend jaar nog over je? Je partner, je kinderen, je ouders en wat vrienden …. Dat is het wel zo’n beetje.

En stel dat je morgen ziek wordt en het blijk heel ernstig. Je raakt invalide en komt in een karretje in een drempelloos tehuis tussen de bomen. Wie roept je dan nog dat je moet gaan haasten. Mee moet doen, winst moet maken, of die klant overtuigen. Niemand. Je wordt door het park geduwd door een paar mensen die van je houden.

Waarom doe je alsof je onmisbaar bent? Heb je het echt zo druk of loop je de hele dag ‘tussendoor’ te doen. Heb je niet genoeg tijd of stel je geen prioriteiten. Waardoor laat je je leiden? Door de commando’s van je manager, de verwachting van de anderen, of door je eigen waarden? Wie zou beter in balans zijn: de landloper die leeft van de mensen die wat in zijn hoed gooien of de manager die de hele dat losse eindjes aan elkaar knoopt?

In het datacenter vindt men alles ook even belangrijk. Wij moeten ook met spoed acteren als de toegangsapplicatie het heeft begeven, en met dezelfde spoed als een deel van de internet bankieren applicatie eruit ligt, wat wel terecht is. Maar dat klopt toch niet, beide hebben dezelfde prioriteit. Of het nu aan de applicatie ligt of aan de mens, wij stellen niet de juiste prioriteit. Stel dat je iemand bent met de innerlijke balans van een zwerver, dan heb je duidelijke prioriteiten, je zegt nee als het nodig is en je maakt van je hart geen moordkuil. Dan heb je vast geen werkstress meer.stoppen

Mensen klagen over werkstress, maar het gaat in feite over iets anders, het gaat over gewoontes die zijn ingesleten. Het is de balans tussen carrière, gezondheid en een goede relatie, maar ook de sociale druk van mensen om je heen. Alleen door duidelijk te zijn, nee is ook een antwoord, keuzes te maken, kader te stellen kan je je goed voelen. Om uiteindelijk een duurzame gedragsverandering te ondergaan. Maar vrees niet, het is maar 13% die dit lukt. Dus als je geen innerlijke druk hebt om te veranderen, als je vrouw niet mee wilt doen, als je vrienden ook niet stoppen met roken, begin er dan niet aan, het maakt je allen maar ongelukkiger

Heb je naaste lief

naastelief1Zo’n twee jaar geleden kreeg ik dit geschreven briefje onder mijn ruitenwisser, ik heb daar toen een blog over geschreven: https://www.biegstraaten.nl/buurtbewoner/

Even een kleine uitleg: ik was gewisseld van werkgever en kreeg een voorloopauto mee. Op de plek waar ik woon is parkeren voor de deur niet mogelijk. Dus moet je op zoek naar een andere locatie in de straat.

Daarnaast is tegenover mijn straat een kantorenlocatie waarbij wel veel parkeerplek is, maar niet iedereen het recht heeft om zijn auto daar te parkeren, dus worden de auto’s bij ons neergezet. Ik begrijp wel de irritatie, omdat voor sommige mensen de auto heel belangrijk is.

Ruim anderhalf jaar geleden ben ik weer overgestapt naar mijn oude werkgever, ik had mijn schepen niet verbrand dus dan begint de hele cyclus opnieuw. Ook nu weer heb ik een nieuwe auto gekregen. En aangezien de plek waar ik normaal mijn autoparkeer vol onder de boomluis zit, moest ik de auto weer op een andere plek zetten. Afgelopen vrijdag zat het volgende papiertje onder mijn voorruit.

naastelief2

Ik weet niet of dit van dezelfde persoon is, maar ik moet toegeven dat de briefjes zijn geprofessionaliseerd. Nu kan je veel vragen stellen over de tekst in het briefje. Wat bedoelt de schrijver met weinig plaats voor Eigen bewoners.  Hoe vaak doe je boodschappen met de auto en kan je hem dan niet even voor de eigen deur zetten. Dat doen wij ook. En wat zou de buur bedoelen met de emoticon aan het einde. Bedoelt de buur het met een knipoog of is de buur echt kwaad. De buur had zelfs het papiertje in een plastic zakje gedaan zodat het briefje niet nat zou worden. Waarschijnlijk had hij de vorige blog ook gelezen.

Ik heb het goede voor met mijn buren, hieronder een reflectie hoe goed ik het heb met mijn buren, maar wat beweegt deze buur. Nu heb ik een vermoeden wie het is, op het moment dat ik mijn auto weghaald van een bepaalde plek, zie ik hem met grote vaart naar buiten rennen om zo snel mogelijk de auto op deze plek te zetten.

Uiteindelijk schrijf ik er ook over, dus bij mij wordt ook een snaar geraakt. Had ik dit dan niet moeten schrijven, heb ik een hekel aan mijn buren, heb ik mijn naaste niet lief ?

naastelief3

Zomaar een werkdag

“De intenties zijn goed, maar waar willen wij heen” was een van de opmerkingen die na-gonsde in mijn hoofd. Het feit is dat wij allen ons stinkende best doen om ons werk zo prettig mogelijk te maken. Maar er is een angst, de angst om niet leuk gevonden te worden, de angst om je nek uit te steken, de angst om plat gezegd op je bek te gaan door de ander te zeggen waar het echt op staat.

Iemand vragen waarom hij altijd zo vroeg de deur uitgaat kost mij moeite. Je hebt hem nodig (dat weet hij) en laat dat zo, maar toch …. De projectleider die een exceptie rapport schrijft waarvan ik vind dat het niet op feiten is gebaseerd, blijft gewoon doorgaan waar hij mee bezig is ….

Is het overleven? Bedekken wij met de mantel der liefde, als je dat mag zeggen in een zakelijke relatie, of zijn wij allen wezens die maar doen wat er van je wordt verwacht. Is het niet het beste om in de anonimiteit te leven? Hier en daar wat rapporten op leveren zodat een ander aan de gang blijft en het idee heeft dat jij diegene bent die dat rapport op levert, dus toegevoegde waarde heeft.

De armen gaan omhoog als de opmerking komt om meer thuis te werken, er is een tekort aan  werkplekken. Is dat echt zo of hebben wij de neiging om altijd maar die ene plek vast te houden om toch ergens in het geheel vastigheid te ervaren. (ik heb mijn vaste plek allang opgegeven).

Het vijfde initiatief voor videoconferencing wordt opgestart en het lijkt erop dat ook dit  eindigt in een half opgeleverd product. Gelukkig heeft dan iemand de moed en kracht om te zeggen dat het ergens moet samenkomen, steekt zijn kop boven het maaiveld uit en zegt het te gaan oppakken, eigenaarschap nemen. Van die types moet je er meer hebben.

Wees kritisch op jezelf maar spaar elkaar niet door in je kwetsbaarheid te zeggen waar het op staat, dan ben je pas echt transparent.